top of page
SGH_logo_09_25.png

Samen werken aan een herstel dat wél vaart maakt

Deze week kwamen twee berichten samen die op het eerste gezicht over verschillende dingen lijken te gaan, maar in de kern hetzelfde laten zien: het herstel van het toeslagenschandaal komt nog altijd niet snel genoeg op gang voor de ouders die er recht op hebben.


Het eerste was berichtgeving in NRC over de vraag of een deel van de ouders mogelijk te ruim is gecompenseerd in de Catshuisregeling. Het tweede, en wat ons betreft veruit het belangrijkste, was de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 3 juni 2026 (ECLI:NL:RVS:2026:3192). Die uitspraak verdient veel meer aandacht dan ze tot nu toe heeft gekregen, want ze legt scherp bloot waar het werkelijke probleem zit.


Wat de Raad van State vaststelt

De cijfers in de uitspraak zijn ontluisterend, aldus diezelfde Afdeling bestuursrechtspraak. De gemiddelde doorlooptijd van een aanvraag voor aanvullende compensatie van de werkelijke schade bedroeg in 2025 ruim 827 dagen: meer dan twee jaar. Bij het huidige tempo, zo rekent de Afdeling voor, duurt het nog ongeveer achttien jaar voordat alle aanvragen van dit type zijn afgehandeld.


De dwangsommen die de rechter oplegt om de Dienst Toeslagen tot tempo te dwingen werken niet meer. Er is al ruim vier miljoen euro aan dwangsommen verbeurd zonder dat er sneller wordt beslist. De Afdeling concludeert daarom dat een dwangsom op dit moment zelfs averechts werkt: capaciteit die naar het afhandelen van beroepen gaat, kan niet naar inhoudelijke besluiten. Daarom stelt zij de dwangsom voor het komende jaar op nul.


Laat dat even bezinken. Een onafhankelijke rechter stelt vast dat het systeem zo is vastgelopen dat zelfs het belangrijkste pressiemiddel van ouders geen effect meer heeft. Dit is het gesprek dat we zouden moeten voeren. Niet de vraag of ouders “te veel” hebben gekregen, maar de vraag waarom zij na al die jaren nog steeds wachten.


De verkeerde discussie

Juist daarom plaatsen we een kanttekening bij de berichtgeving in NRC. Dat een deel van de ouders mogelijk te ruim zou zijn gecompenseerd, is precies de discussie die ouders niet verder helpt. Ze opent oude wonden, voedt opnieuw de verdenking, en leidt de aandacht weg van het probleem dat de Raad van State zojuist zo scherp heeft benoemd: een herstel dat is vastgelopen. Wij willen die discussie niet op die manier voeren. Niet omdat de besteding van publiek geld er niet toe doet, maar omdat de vraag die er werkelijk toe doet een andere is: helpt het herstel de ouders daadwerkelijk vooruit?


Een kritische blik op de schaderoutes: ook die van ons

De Afdeling kijkt in dezelfde uitspraak kritisch naar de alternatieve schaderoutes die zijn opgezet om de besluitvorming vlot te trekken, waaronder de route via Stichting (Gelijk)waardig Herstel. Die kritiek nemen wij serieus, en we lopen er niet voor weg.


Het is belangrijk om precies te zijn over wát de rechter zegt. Het bezwaar is niet dat zo’n route bestaat, of dat zij eindigt in een vaststellingsovereenkomst (c-VSO). Het staat een burger altijd vrij om met de staat een VSO te sluiten, en zo’n overeenkomst is volkomen rechtsgeldig. De kern van de kritiek zit elders: ouders worden via het aanmeldportaal in de praktijk dwingend naar die civielrechtelijke route met forfaitaire bedragen gestuurd, terwijl de wet hen juist recht geeft op een individuele beoordeling van hun werkelijke schade bij beschikking en na advies van de wettelijk verplichte commissie (de CWS). Die wettelijke route mag niet feitelijk worden dichtgezet. Voor zo’n ingrijpende wijziging van het stelsel is een wetswijziging nodig.


Dat onderscheid is voor ons cruciaal. Ouders moeten een echte, vrije keuze houden: wie herstel wil via de route van SGH, moet dat kunnen kiezen; wie zijn wettelijke recht op een individuele beoordeling wil gebruiken, net zo goed. Heldere informatie over alle mogelijkheden hoort daarbij. Snelheid en rechtszekerheid mogen nooit een keuze zijn.


De Afdeling erkent ook waarom naar deze routes is gezocht: omdat de wettelijke weg volledig was vastgelopen. Daar ligt precies onze drijfveer. SGH is ontstaan om die impasse te doorbreken en gedupeerde ouders sneller en menselijker te helpen. Niet om de waarborgen van de wet opzij te zetten, maar om te voorkomen dat ouders nog jaren in onzekerheid blijven. De uitspraak maakt duidelijk dat de praktische oplossing waar veel ouders baat bij hebben, nu een degelijk juridisch fundament nodig heeft. Dat is geen verwijt aan de ouders, en ook niet aan de mensen die hen willen helpen. Het is een opdracht aan de wetgever.


De bal ligt nu bij de politiek

De Raad van State wijst in feite twee adressen aan, en dat is terecht.


Het eerste adres is dat van de staatssecretaris. De uitvoeringspraktijk is een verantwoordelijkheid van het ministerie: stop met ouders dwingend naar één route te sturen, geef heldere informatie over alle mogelijkheden, en zet de wettelijke adviescommissie weer volwaardig in. Die commissie, waar de hele operatie op leunt, bestaat op dit moment uit vier leden die het werk in deeltijd doen.


Het tweede adres is de wetgever: de Tweede Kamer en het kabinet samen. Want het fundament onder de versnelling (de wettelijke basis die de rechter mist) kan alleen de wetgever leveren. Onze oproep aan de Kamer is daarom net zo eenvoudig als dringend: lever die basis snel, zodat de snellere route die ouders nodig hebben ook juridisch onwrikbaar staat, en dit moment niet verzandt in een nieuwe ronde van vertraging.


Onze focus blijft de oplossing

Wij hebben geen behoefte aan een strijd over wie gelijk heeft. Wij hebben behoefte aan ouders die geholpen worden. Daar is onze inzet op gericht, en daar blijft die op gericht.


Er is namelijk een betere maatstaf dan de vraag of een bedrag te hoog of te laag was: de vraag of het herstel ouders daadwerkelijk vooruithelpt. Daarop is het antwoord hoopgevend. De route via (Gelijk)waardig Herstel laat een hoge oudertevredenheid zien; ook de overheid stelde al vast dat de aanpak ouders helpt in de verwerking en sneller gaat. Dat is waar herstel om draait: niet alleen een bedrag op een rekening, maar mensen die weer verder kunnen.


Laten we de energie dus niet verliezen aan de vraag of ouders hun compensatie wel verdienden. Laten we die steken in waar het werkelijk om gaat: een herstel dat eerlijk is, dat rechtszekerheid biedt, en dat eindelijk vaart maakt.


Wij reiken zowel het ministerie als de Tweede Kamer daarvoor de hand, en denken graag mee. Want de ouders hebben lang genoeg gewacht.

 
 

Gerelateerde posts

bottom of page